Grote vragen en diepe gedachten.

Laatst sprak ik met een oude vriendin af bij de HEMA, waar wij onder het genot van een drankje en een hapje eens zouden bijpraten. Met een grote kop dampende koffie voor onze neus maakten wij het ons gemakkelijk in de comfortabele bank die eens ons vaste plekje was. We hadden elkaar al een tijd niet meer gezien, maar hadden weinig tijd nodig om ons weer bij elkaar op het gemak te doen voelen. Lachend haalden we herinneringen op van de tijd die we bij elkaar in de klas hebben doorgebracht.
Na een uurtje opgewekt te hebben zitten kletsen over het onbezorgde leven van alledag, de gebruikelijke koetjes en kalfjes, en de roddels in de nieuwe vriendenkringen van ons beiden, waren we weer op de hoogte van wat er zoal speelde in het leven van de ander. We schenen door de gespreksstof heen te zijn.


De door ons bestelde tompoezen lieten nog even op zich wachten, dus we waren genoodzaakt op een andere manier onze tijd te verdrijven.
Nu konden wij ons vroeger goed vermaken met het proberen filosofische vraagstukken uit te pluizen, dus ook deze keer deden wij weer een poging tot het beantwoorden van de grote vragen des levens.
Ditmaal kwamen we echter tot de conclusie dat de belangrijkste vragen al zodanig uitgemolken waren dat er geen zinnig woord meer over te zeggen viel. Ginnegappend over alle zogenaamd hoogst diepzinnige uitspraken van grote filosofen als Plato en Descartes kwamen we na een tijd bij het moment dat we deze ontegenzeggelijk intelligente mannen gingen nadoen.
Toen stond mijn vriendin op, trok zij het meest serieuze en uitgestreken gezicht waartoe zij nog in staat was en begon ze de zin van het leven te verkondigen, zoals men daar tweeduizend jaar over heft beraamd. Twee minuten lang bleef zij uitstekend in haar rol, tot zij de zin ‘de zin van het leven, is de zin om te leven’ probeerde uit te spreken. Vanaf dat moment rolden we samen over de bank, tranen van het lachen biggelend over onze wangen.
Plots stond de medewerker van de HEMA voor onze tafel met onze versgebakken tompoezen in haar hand. We gingen weer rechtop zitten, veegden onze ogen droog en gluurden verlekkerd naar het gebakje waar wij zo lang op hadden moeten wachten.
Met het schoteltje voor onze neus en de vork in onze hand, zaten wij in de aanslag om he gebakje te verorberen. Een paar tellen later legden wij tegelijk ons vorkje weer neer en keken wij elkaar terneergeslagen aan.
Hoe werk je in hemelsnaam zo’n ding naar binnen?
Als je het antwoord op die vraag hebt gevonden, is mijns inziens je leven geslaagd. Ik heb de zin van mijn leven gevonden.

(met misschien volgende week deel 2: de correcte schrijfwijze van tompoes/tompouce, die mij nog altijd niet duidelijk is)

Advertenties

One thought on “Grote vragen en diepe gedachten.

  1. ikbenelise 8 mei 2013 / 21:43

    -mimimi mijn reactie is foets-
    Tijdens het lezen vroeg ik me echt af waar de fuq dit in godsnaam heenging. Leuk!
    (Als ik hier reageer weet ik tenminste dat je het leest haha)

Deel je mening!

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s